Retro



Het is verleidelijk de hausse aan wat wel retro-tv genoemd wordt te koppelen aan de economische crisis. Het is behalve verleidelijk zelfs logisch. In tijden van onrust en onzekerheid worden oude waarden opgepoetst, dat geeft een veilig gevoel. ‘Haartjes nat nog even op totdat vader zei: vooruit naar bed, mijn kind… ‘ Wie bij SBS voor Wie ben ik koos, bij RTL voor Zeg ‘ns AAA, bij de TROS voor Banana Split, bij de KRO voor ’t Schaep, het moeten wel visionairs zijn. Als we willen weten waar we heen gaan kunnen we beter de programmadirecteuren raadplegen dan al die economen. Ver voor die kredietellende losbarstte bestelden zij immers al die heerlijke nostalgische programma’s.
Ik vrees dat het zo niet ligt. Het is angst dat de baasjes deed kiezen voor opgewarmde happen. Een formule die zich in het buitenland heeft bewezen maakt nog enige kans, iets dat origineel in Nederland ontwikkeld is stuit op veel aarzeling. En haalt het alleen dankzij de power van een producent. Zie Ik hou van Holland, vlot getrokken door John de Mol. Maar ook een flop als Million Dollar Wedding van producent Reinout Oerlemans.
De consequentie van die retro-tv is er ook al. Het publiek veroudert, dat willen zeker de commerciëlen niet dus moeten er kunstgrepen worden toegepast. Zo neemt Beau de plaats in van Ron in Dancing with the stars en wordt Robert ten Brink voor Laat ze maar lachen kennelijk jonger ingeschat dan de boomlange presentator. Zoals gebruikelijk vreet het monster zijn eigen kinderen weer op.