|
De verkeringsnorm De Nieuwe Verkering en ik doen een voortvarend rondje moderne kennismaking. De sms’jes gaan over en weer. Dan kom ik met “Wintersport?’ en stuurt zij: ‘Alleen in warm land.’ Of zij lanceert ‘Frank Sinatra’ en ik houd ook wel van The Voice. ‘Plastic bh-bandjes?’ Alweer zijn we het eens, dat kan echt niet. ‘Franse films?’ Wel mooi, ook traag. Op de verschillen stuiten we ook. De NV houdt van lekker eten, ik ook, maar daar versta ik een kinderminuutje onder. Ik ben een culinaire analfabeet. Daarentegen ben ik een literaire veelvraat en heeft zij het hoogstens met de vette koppen van een glossy. Het is goed zo. De overeenkomsten bekoren, de verschillen staan het vervolgverhaal niet in de weg. De NV en ik hebben het leuk. Het begint op te vallen. ‘Wat zeg ik als…?’ vraagt zij, want communicatief zijn we vaardig, veel woorden hebben we zelden nodig. ‘Dat we verkering hebben,’ sms ik terug. ‘O,’ zegt ze. Jawel, ik heb daar een formule voor: als je drie keer seks met elkaar hebt gehad heb je verkering. Niet dat er bezwaar bestaat tegen de one-night-stand, het getuigt echt van respect de intimiteit een tweede kans te geven, maar als het er dan nog een keer van komt heb je verkering. De NV en ik treden naar buiten. We lopen innig over straat, we zoenen in het restaurant. Nu sta ik geafficheerd als een Marginaal Bekende Nederlander, maar de NV is misschien nog wel een tikkeltje beroemder dan ik. Er is al gebeld door RTL Boulevard, maar toen hadden we nog geen drie keer seks met elkaar gehad dus was een ontkenning gepast. Zelfs zijn we, voor we de Bert van der Veer-verkeringsnorm bereikt hadden, al een keer over de rode loper gegaan. Dat was best een beetje raar, want ik was gewend wel vaker in altijd fraai, maar meer anoniem gezelschap door de fotografen toegeroepen te worden en nu werden wij beiden aangesproken. De aanstaande NV bleek vanzelfsprekend ook zeer bedreven in het aannemen van de juiste poses. Liefdevol naar elkaar kijken deden we toen nog niet. Er dook weer een black-tie-event op in de agenda. Inmiddels was het element ‘trots’ een rol gaan spelen in onze verhouding. Trots op elkaar, dat vonden wij wel wat. Nu moet je niet doen alsof het op zo’n gala om het innerlijk draait en NV, gepokt en gemazzeld, begon zich te bekommeren om de juiste jurk. Af en toe zweefde een naam van een modeontwerper door onze dialoog, suggesties die ik, fashion-onbenul, warm omhelsde. Al lukte met mij natuurlijk wel het heengaan van Percy Irausquin met haar te betreuren. Na intensief speurwerk en een fikse aanslag op het netwerk deelde de NV mee dat het een creatie van Rodrigo Otazu zou worden. Maar die maakt toch sierraden?, wist ik nog net. Jawel, maar dan ook maar beter een jurk om die sierraden recht te doen. De NV in die zilveren robe hijsen was ongeveer even eenvoudig als een leverworst terug in het plastic krijgen. De sierraden werden door de NV minzaam genegeerd. Sorry, Rodrigo. En dank aan couturier Paul Schulten die zijn vingers stuk drukte op 28 sadistische knoopjes en voorkwam dat onze prille relatie aan een eerste, riskante test onderworpen werd. Dat tweede gala kon niet anders gezien worden dan als The Big Coming Out. En wat Otazu daar flikte voor de borsten van mijn NV, daar zou Pamela Anderson wel eens stikjaloers op kunnen zijn. Als je dan toch over de rode loper gaat kun je maar beter toegeschreeuwd worden door iedere fotograaf en verslaggever. No glamour, no glory, dat zou zomaar eens een lijfspreuk kunnen zijn. Maar sinds wanneer krijg je na drie weken officiële verkering een vraag als: ‘Hebben jullie al trouwplannen?’ Ik ben het een en ander gewend, maar niet dat mijn lief in mijn aanwezigheid geacht wordt mededelingen te doen over mijn prestaties in bed. Een klus die zij overigens voortvarend klaarde, maar voor je het weet krijg je dan ineens iets blozends over je. Het kwam mij voor dat zo’n romance in de spotlight wel eens hele speciale eisen zou kunnen stellen. Misschien moest ik zelfs eens overwegen de gordijnen wat vaker te sluiten… |